Bijgewerkt op

Hoe lang krijgt u WW in 2026?

Drie maanden krijgt bijna iedereen. De rest hangt af van uw arbeidsverleden, tot 24 maanden.

Bijgewerkt op · Mottalib Radif · Redactiestatuut

De twee eisen

Wekeneis: in de 36 weken vóór de eerste werkloosheidsdag minstens 26 weken gewerkt → 3 maanden WW. Jareneis: in de 5 kalenderjaren vóór het jaar van werkloosheid minstens 4 jaar met 208 uur of meer gewerkt → verlenging op basis van het totale arbeidsverleden.

De wekeneis is laag: één betaald uur in een week is genoeg om die week mee te tellen, en weken met ziekte, vakantie of onbetaald verlof tijdens een dienstverband tellen ook. Alleen wie in de 36 weken vóór de werkloosheid minder dan 26 weken in loondienst was, valt buiten de boot, bijvoorbeeld na een lange periode als zelfstandige of na een studie. De jareneis is strenger: van de vijf kalenderjaren vóór het jaar van werkloosheid moeten er vier zijn met minstens 208 betaalde uren, ongeveer vijf weken voltijd. Wie aan de wekeneis voldoet maar niet aan de jareneis, krijgt de basisuitkering van drie maanden; wie aan beide voldoet, krijgt de verlengde uitkering op basis van het volledige arbeidsverleden.

Tabel

Eerste 10 jaar: 1 maand per jaar. Daarna: ½ maand per jaar. Maximum 24 maanden (sinds 2019, na de afbouw van 38 maanden).
Arbeidsverleden (jaren)Duur WW (maanden)
33
44
55
66
88
1010
1211
1412
1613
2015
2417
3020
3824

De tabel is een trap: de duur wordt afgerond naar beneden op hele maanden. Twaalf jaar arbeidsverleden geeft 10 + 1 = 11 maanden; dertien jaar geeft 10 + 1,5 = 11,5, afgerond 11 maanden; veertien jaar geeft 12 maanden. Boven de tien jaar levert elk extra jaar dus maar om het andere jaar een maand op, en vanaf 38 jaar arbeidsverleden is het maximum van 24 maanden bereikt. Wie op 18-jarige leeftijd is gaan werken, haalt dat maximum rond zijn 56e.

Arbeidsverleden berekenen

Feitelijk arbeidsverleden: elk kalenderjaar sinds 1998 waarin u minstens 208 uur loon ontving (of 52 dagen), plus jaren met zorg voor kinderen onder 5 (verzorgingsforfait) of mantelzorg. Fictief arbeidsverleden: de jaren van uw 18e tot en met 1997. Het jaar van werkloosheid telt niet mee.

Bij een voltijdbaan in elk kalenderjaar sinds het 18e levensjaar; onderbrekingen verkorten het feitelijke arbeidsverleden.
GeboortejaarFictief arbeidsverledenFeitelijk arbeidsverleden (voltijd sinds 1998)Totaal bij werkloosheid in 2026Duur WW
19651983–1997: 15 jaar1998–2025: 28 jaar43 jaar24 maanden
19751993–1997: 5 jaar28 jaar33 jaar21 maanden
19800 (18 in 1998)28 jaar28 jaar19 maanden
199002008–2025: 18 jaar18 jaar14 maanden
200002018–2025: 8 jaar8 jaar8 maanden
200502023–2025: 3 jaar3 jaar3 maanden

Het verzorgingsforfait telt jaren mee waarin u niet of weinig werkte omdat u voor een kind onder de vijf zorgde: volledig voor jaren vóór 2005, voor de helft voor jaren vanaf 2005. Mantelzorg voor een naaste met een persoonsgebonden budget telt sinds 2007 volledig mee. Militaire dienst, jaren als zelfstandige en jaren van werk buiten Nederland tellen niet, tenzij het werk in een EU-land was en u dat met een U1-formulier aantoont. Studiejaren tellen alleen mee via het fictieve arbeidsverleden, dus voor wie vóór 1980 is geboren.

Wat UWV al weet en wat u zelf moet opgeven

Sinds 2006 registreert UWV alle loongegevens in de polisadministratie, zodat het feitelijke arbeidsverleden vanaf dat jaar automatisch bekend is. Voor 1998 tot en met 2005 vraagt UWV in de aanvraag om uw eigen opgave, gestaafd met jaaropgaven, loonstroken of een pensioenoverzicht. Bewaar die stukken: een niet aantoonbaar jaar wordt niet meegeteld. Het fictieve arbeidsverleden leidt UWV af uit uw geboortedatum. Twijfelt u aan de berekening in de beslissing, vraag dan het overzicht arbeidsverleden op via Mijn UWV en maak binnen zes weken bezwaar als er jaren ontbreken.

Van maanden naar einddatum

De uitkering begint op de eerste werkloosheidsdag, na een eventuele fictieve opzegtermijn, en loopt het aantal toegekende kalendermaanden door. Werkt u tussendoor, dan schuift de einddatum niet op: de duur is in maanden vastgelegd, niet in uitkeringsdagen, en inkomsten worden verrekend. Wel blijft de uitkering doorlopen zolang u minder dan 87,5 % van uw oude WW-maandloon verdient, zodat u de resterende maanden feitelijk gebruikt terwijl u deels werkt. Eindigt de uitkering doordat u meer verdient en wordt u binnen zes maanden opnieuw werkloos, dan herleeft het oude recht met de resterende duur.

Cao-aanvulling: de PAWW

Toen de wettelijke WW-duur tussen 2016 en 2019 van 38 naar 24 maanden werd afgebouwd, spraken vakbonden en werkgevers in veel cao’s een private aanvulling af: de PAWW (Private Aanvulling WW en WGA). Werknemers in die sectoren betalen een kleine premie, in 2026 rond 0,1 % van het loon, en krijgen na afloop van de wettelijke WW een aanvulling tot in totaal maximaal 38 maanden, mits hun arbeidsverleden dat zou hebben gerechtvaardigd onder de oude regels. De aanvulling wordt uitgevoerd door de Stichting PAWW, niet door UWV, en moet apart worden aangevraagd. Kijk in uw cao of uw sector meedoet; onder meer de metaal, de bouw, de zorg en het onderwijs kennen de regeling.

Na de WW

Situatie na afloopRegelingKenmerken
Onder de AOW-leeftijd, weinig vermogenBijstand (Participatiewet)Via de gemeente; partnerinkomen en vermogen tellen mee
60 jaar of ouder bij start WW (geboren vóór 1965)IOWVia UWV, tot AOW-leeftijd, geen vermogenstoets, wel partnerinkomen
Cao met PAWWPAWW-aanvullingTot 38 maanden totaal, zelf aanvragen bij Stichting PAWW
Gedeeltelijk arbeidsongeschiktWIA-aanvraagNa twee jaar ziekte, ook tijdens WW
Opnieuw 26 van 36 weken gewerktNieuw WW-rechtNieuwe duur op basis van het volledige arbeidsverleden

De IOW, de Inkomensvoorziening Oudere Werklozen, is verlengd tot en met 2026 voor wie bij het begin van de WW 60 jaar en vier maanden of ouder was. De uitkering is 70 % van het minimumloon, zonder vermogenstoets, en loopt door tot de AOW. De bijstand kent wel een vermogens- en partnertoets en is voor veel oudere werklozen daardoor geen optie. Gebruik de rekentool om te zien wanneer uw WW eindigt en hoeveel u tot die datum in totaal ontvangt.

Veelgestelde vragen

Wat is fictief arbeidsverleden?

Fictief arbeidsverleden is de overgangsregeling voor de jaren tot en met 1997: die tellen mee alsof u vanaf het kalenderjaar waarin u achttien werd onafgebroken heeft gewerkt, ook als u toen studeerde of niet werkte. Vanaf 1998 telt alleen nog feitelijk arbeidsverleden, dat wil zeggen kalenderjaren waarin u over minstens 208 uur loon ontving. Voor wie vóór 1998 achttien werd, is dit vaak de grootste post in de duurberekening.

Kan de duur via cao langer zijn?

Ja, via een private aanvulling. Veel cao’s kennen de PAWW-regeling, die de duur na afloop van de wettelijke WW aanvult tot maximaal 38 maanden — de duur zoals die vóór 2016 gold. De regeling wordt volledig door werknemers gefinancierd via een premie op het loon, en geldt alleen als uw cao erbij is aangesloten. Vraag het na bij uw werkgever of vakbond; de aanvraag loopt niet via UWV.

Wat na afloop van de WW?

Twee vangnetten. Was u 60 jaar of ouder toen de WW begon, dan kunt u de IOW aanvragen: een uitkering op minimumniveau zonder toets op vermogen of partnerinkomen, die doorloopt tot de AOW. Voldoet u daar niet aan, dan resteert de bijstand op grond van de Participatiewet, aan te vragen bij uw gemeente. Daarbij gelden wél een vermogenstoets en een toets op het inkomen van uw partner.

Telt een jaar met een tijdelijk contract van vier maanden mee?

Ja. Voor het arbeidsverleden telt een kalenderjaar volledig mee zodra u er over minstens 208 uur loon ontving — het gaat om een drempel, niet om een evenredig deel. Vier maanden voltijd komt neer op ruim 650 uur, dus zo’n jaar telt als een heel jaar arbeidsverleden. Ook een jaar met alleen deeltijd- of uitzendwerk haalt die drempel vaak zonder moeite.

Wat gebeurt er met mijn resterende maanden als ik een nieuwe baan vind?

Die blijven zes maanden na het einde van de uitkering staan (herleving). Wordt u binnen die termijn opnieuw werkloos, dan loopt de oude uitkering door. Daarna kunt u alleen een nieuw recht opbouwen als u weer aan de wekeneis voldoet.

Gerelateerde tools & gidsen

Bronnen

Mottalib Radif

Geschreven door Mottalib Radif

MBA INSEAD · Ingenieur (Mines Saint-Étienne) · Persoonlijke financiën en arbeidsrecht

Bijgewerkt op · Redactiestatuut · Contact

Cijfers 2026, laatst bijgewerkt op 2026-09-16